Past Continuous
Lesson #1399
Deze content is gemaakt door een docent met behulp van AI.
De Past Continuous (ook wel Past Progressive genoemd) gebruik je om een handeling te beschrijven die op een bepaald moment in het verleden bezig was.
Vorming:
โ was/were + werkwoord + -ing
- I/he/she/it โ was
- you/we/they โ were
Voorbeelden:
- I was studying for my exam at 8pm last night. (to study)
- They were playing soccer when the storm started. (to play)
Gebruik van de Past Continuous
- Een actie die bezig was op een bepaald moment in het verleden
- At 9 oโclock yesterday, she was still working.
- Een lange actie die werd onderbroken door een korte actie (Past Simple)
- I was making dinner when the doorbell rang.
- Achtergrondinformatie of sfeer schetsen in een verhaal
- The sun was shining and the birds were singing when he left the house.
- Acties die in het verleden bezig waren, maar niet noodzakelijk zijn afgerond
- I was walking in the park when I saw a squirrel.